|
|
"Meneer,
heeft u God gezien?", vroeg een jonge
universiteitsstudent uit Calcutta aan de mysticus uit de
Dakshineswar Kali Tempel. De mysticus antwoordde: "Ja, ik
heb God gezien. Ik zie Hem duidelijker dan ik jou zie. Jij kan
Hem ook zien als je mij volgt." De jonge man was Narendra
Nath Datta - later de wereldberoemde Swami Vivekananda - de
mysticus was Sri Ramakrishna die in India en andere delen van de
wereld wordt beschouwd als een heilige, de Incarnatie van God
voor het moderne tijdperk. Swami Vivekananda was zijn
belangrijkste leerling, hij bracht de Verandafilosofie voor het
eerst naar het Westen toen hij deelnam aan het parlement van
Religies in Chicago (V.S.) in 1893.
Op
18 februari 1836 werd Sri Ramakrishna geboren in een gezin van
zeer religieuze Brahmaanse ouders in een afgelegen dorp in
Bengalen genaamd Kamarpukur, ongeveer 60 mijl ten Noordwesten van
Calcutta. Vóór zijn geboorte had zijn vader
Khudiram Chattopadhyay een droom waarin de God Vishnoe de wens te
kennen gaf als zijn zoon geboren te willen worden en zijn moeder
Chandramani had gelijksoortige ervaringen. De geboortenaam van
Sri Ramakrishna was Gadadhar en zijn moeder noemde hem altijd
liefdevol Gadai.
De
jonge Gadai was een gezonde en vrolijke jongen, die zich bij
iedereen geliefd maakte met zijn eenvoudige jongensmanieren. Hij
speelde graag met zijn vrienden en ze zongen en dansten van
plezier. Ze imiteerden de dorpsacteurs en de manier waarop zij in
religieuze voorstellingen optraden, wat Gadadhar nauwkeurig had
gadegeslagen. Hij deed graag de dagelijkse eredienst van hun
familiegoden maar ging met tegenzin naar school.
Toen
hij 17 jaar was, bracht zijn oudste broer hem naar Calcutta.
Gadadhar hielp hem daar met de erediensten aan de familiegoden
van gegoede huizen. Daarop werd zijn broer priester van de
Dakshineswar Kali Tempel. Toen de grote broer plotseling
overleed, moest de jonge Gadadhar zijn taak van hem overnemen.
Tijdens
het aanbidden van de Goddelijke Moeder Kali bleef hij volledig
verzonken in de gedachte over God. Hij wilde Haar zien door
intense gebeden, dag en nacht - zoals een kind hunkert naar zijn
moeder en daarom hartverscheurend huilt. Op een dag wilde hij
zelfs in een onstuimige poging zijn leven offeren door zijn hoofd
af te hakken met een zwaard dat aan de tempelmuur hing vóór
het beeld. Op dat moment zag hij heldere golven van licht die hem
van alle kanten omvatten en hij verloor het bewustzijn. Daarna
werd hij gezegend met het visioen van de Goddelijke Moeder die
hem troostte zoals een liefhebbende moeder dat zou doen om haar
huilende kind gerust te stellen. Dit was zijn eerste directe
visioen van God, bereikt vanuit zijn kinderlijke eenvoud en
intens gebed tot de Goddelijke Moeder. Nadien kon hij Haar zien
en met Haar praten wanneer hij dat wilde. De Goddelijke Moeder
leidde Haar kind in alle opzichten in zijn spirituele
ontplooiing.
Verscheidene
leraren kwamen, de een na de ander, naar hem toe en van hen
leerde hij verschillende religieuze paden. In zeer korte tijd
verkreeg hij de aanschouwing van God na het methodisch volgen van
iedere traditie. In drie dagen had hij de hoogste realisatie van
de Advaita Vedanta, met het bereiken van de 'Nirvikalpa Samadhi'.
Hij
beoefende ook de Islam en het Christendom en had het visioen van
zowel Mohammed als Christus. Hij ontdekte dat alle religies wáár
zijn, dat zij juiste en geldige paden zijn om God te realiseren.
Daarom verkondigde hij; "Yato mat, tato path" - "Zoveel
geloven, zoveel wegen." Zo hetzelfde water door
verschillende volken met verschillende namen wordt aangeduid
(Jal, Pani, Water, Aqua etc.), net zo wordt dezelfde God door
verschillende religies aangeduid als Brahman, Allah, Jehova,
Vader in de Hemel, Goddelijke Moeder etc. Daarom zou men niet in
naam van de religie moeten twisten. Men zou niet de anderen
moeten bekritiseren, maar eerlijk en oprecht moeten zijn in het
volgen van de eigen religie. Allen zullen God of Werkelijkheid
realiseren, die het uiteindelijke doel van het leven is.
Sri
Ramakrishna maakte aan de moderne wereld de Eenheid en Harmonie
van alle Religies zichtbaar wat - misschien met name - in onze
huidige samenleving, bittere noodzaak lijkt te zijn.
Voor
hij overleed, in augustus 1886, onderwees Ramakrishna een groep
jonge studenten, die het monastieke leven aanvaardden om
Ramakrishna's leringen in de wereld te verspreiden - hij maakte
Swami Vivekananda tot hun leider. Swami Vivekananda onderwees de
Vedantafilosofie (volgens de leringen van zijn Guru) gedurende 4
jaar in Amerika en Engeland. Hij begon een kloosterorganisatie
naar zijn Guru genoemd: Ramakrishna Math en Mission, die nu over
de hele wereld zo'n 150 centra telt en zich bezig houdt met
humanitaire dienstverlening, zowel wereldlijk als geestelijk.
Deze site werd geschreven door Vedanta studenten van het
Ramakrishna Vedanta Centrum in Amstelveen. Sommige van de
waardevolle woorden van Sri Ramakrishna werden opgetekend door
één van zijn zeer ontwikkelde discipelen en
gepubliceerd in een boek getiteld; "The Gospel of Sri
Ramakrishna" (Een verkorte versie is in het Nederlands
vertaald: "Ramakrishna, gesprekken opgetekend door M.").
Vertaald in vele talen van de wereld troost de Gospel mensen van
alle religies, die op zoek zijn naar begeleiding tot licht en
vrede.
*
* *
UITSPRAKEN
VAN SRI RAMAKRISHNA
OVER
GOD
Er zijn vele namen en oneindig veel vormen van
God, waarmee Hij kan worden benaderd. Met welke naam en vorm u
Hem ook vereert, langs deze weg zult u Hem realiseren.
De
Werkelijkheid is Een en dezelfde, het verschil zit in naam en
vorm. Er zijn drie of vier oevertrappen bij een vijver. De
Hindoes drinken water op een bepaalde plek en noemen het 'jal'.
De Moslims op een andere plek noemen het 'pani'. En de Engelsen
op een derde plek noemen het 'water'. Alle drie hebben het over
hetzelfde, het verschil bestaat alleen maar in de naam. Op
dezelfde wijze richten sommigen zich tot de Werkelijkheid als
'Allah', of 'God', of 'Brahman', als 'Kali' en anderen geven het
namen als 'Rama', 'Jezus', 'Durga' en 'Hari'.
Niemand kan
met beslistheid zeggen dat God alleen 'dit' is en niets anders.
Hij is zonder vorm en toch is Hij ook met vorm. Omwille van de
bhakta (gelovige) neemt Hij vormen aan. Maar Hij is zonder vorm
voor de jnani (filosoof). Weet u hoe dat mogelijk is? Brahman of
volmaakt Bestaan, Kennis, Gelukzaligheid is als de onbegrensde
oceaan. In de oceaan worden hier en daar zichtbare ijsblokken
gevormd door de intense kou. Evenzo, onder de verkoelende
invloed, om het zo te zeggen van de bhakti (devotie) van Zijn
gelovige transformeert het Oneindige zichzelf tot het eindige en
verschijnt aan de gelovige als God met vorm. Dat wil zeggen; God
openbaart Zichzelf voor Zijn bhakta (gelovige) als een belichaamd
Persoon. Maar dan opnieuw, zoals bij de opkomst van de zon het
ijs in de oceaan wegsmelt, zo gaat bij het ontwaken van de jnana
(kennis) de belichaamde God op in het oneindige Brahman zonder
vorm. Dan voelt men niet meer dat God een Persoon is, noch ziet
men Gods vormen. Maar onthoudt dit: met vorm en zonder vorm
behoren beide tot één en dezelfde Werkelijkheid.
God is zowel zonder vorm als met vorm, en Hij
transcendeert zowel zonder vorm als met vorm. Hij alleen weet wat
Hij allemaal is. Omwille van degenen die God liefhebben,
manifesteert Hij Zichzelf op velerlei manieren en via velerlei
vormen. Werkelijk, Hij is niet gebonden aan enige beperking wat
betreft vormen van manifestatie of de ontkenning daarvan.
De
zon is vele malen groter dan de aarde, maar door de afstand lijkt
het een kleine bol. Net zo is de Heer oneindig groot, maar wij
kunnen Zijn werkelijke grootheid niet begrijpen, omdat we te ver
van Hem vandaan zijn.
Het water en de luchtbellen zijn
één. De luchtbel ontstaat vanuit het water, drijft
erop en uiteindelijk gaat hij er weer in op. Net zo zijn het
individuele ego (Jivatman) en de hoogste Geest (Paramatman) één
en dezelfde. Er is alleen een gradueel verschil; de eerste is
afhankelijk en de ander onafhankelijk.
Wat God ten
opzichte van de mens is, dat is de magneet ten opzichte van
ijzer. Maar waarom trekt Hij de mens dan niet aan? Zoals ijzer
dat onder de modder zit niet kan worden aangetrokken door een
magneet, zo voelt de door Maya (illusie) ingekapselde ziel, niet
de aantrekkingskracht van de Heer. Maar: zoals het ijzer vrij kan
bewegen als de modder is weggespoeld met water, zo zal de ziel
door de Heer worden aangetrokken wanneer de modder van Maya, die
maakt dat de mens gehecht is aan de wereld, wordt weggespoeld
door de voortdurende tranen van gebed en berouw.
WEGEN
OM GOD TE REALISEREN
Hij is tevergeefs geboren, die
terwijl hij de menselijke geboorte heeft bereikt, die zo moeilijk
is te krijgen, niet probeert God in dit leven te realiseren.
Herhaal Gods naam, zing Zijn lof en verkeer in heilig
gezelschap; bezoek af en toe gelovigen van God en heilige mensen.
De mens kan niet aan God blijven denken als het dag en nacht
ondergedompeld is in wereldlijkheid, in wereldlijke plichten en
verantwoordelijkheden; het is heel nodig om af en toe de
eenzaamheid te zoeken en aan God te denken.
U dient ten
alle tijde onderscheid te maken tussen werkelijk en onwerkelijk.
Alleen God is werkelijk, de Eeuwige Substantie, al het andere is
onwerkelijk, of anders gezegd: vergankelijk. Door op deze manier
onderscheid te maken, kan men alle vergankelijke objecten uit de
geest laten verdwijnen.
Waar het om gaat is God lief te
hebben zoals een moeder haar kinderen liefheeft, zoals een
toegewijde vrouw haar man liefheeft en de wereldlijke mens zijn
bezit. Voeg deze drie krachten van liefde tezamen, deze drie
aantrekkingskrachten en geef dit alles aan God. Dan zul je Hem
zeker zien.
Men moet de afzondering zoeken om deze
Goddelijke liefde te verkrijgen. Om boter uit melk te krijgen
moet je het laten stremmen op een aparte plaats; als het teveel
verstoord wordt verandert melk niet in wrongel. Vervolgens moet
je al het andere werk op zij zetten, op een rustige plek gaan
zitten en de wrongel karnen. Alleen dan krijg je boter. Net zo
verkrijgt de geest door in afzondering over God te mediteren
kennis, kalmte en devotie.
Men kan God niet aanschouwen,
zolang er sprake is van deze drie; schaamte, haat en angst.
Men
zou zo hevig naar God moeten verlangen als iemand die zijn baan
is kwijtgeraakt en nu van het ene naar het andere bedrijf gaat op
zoek naar werk.
Iemand die intens naar God verlangt hecht
geen enkel belang aan zulke kleinigheden als eten en drinken.
Mensen huilen tranen met tuiten omdat ze geen zonen
krijgen, anderen kwijnen weg omdat ze niet rijk worden. Maar
helaas, hoeveel zijn er, die treuren en tranen vergieten omdat ze
God niet gezien hebben! Werkelijk maar heel weinig! Waarlijk,
degene die Hem zoekt, die om Hem huilt, zal Hem bereiken.
Een
mens moet werken. Alleen dan kan hij God aanschouwen. Men kan
geen liefde voor God ontwikkelen of Zijn aanschouwing verkrijgen
zonder werk. Werk betekent meditatie, japa (herhaling van Gods
naam) en dergelijke. Het zingen van Gods naam en glorie is ook
werk. Hiertoe mag u ook liefdadigheid, offers etc. rekenen.
God
kan niet worden gerealiseerd als er maar de geringste gehechtheid
is aan de dingen van de wereld. Een draad kan niet door het oog
van de naald gaan als er maar het kleinste vezeltje uitsteekt.
Wees niet een hypocriet in uw gedachten. Wees oprecht en
handel overeenkomstig uw gedachten en u zult zeker slagen. Bid
met een oprecht en eenvoudig hart en uw gebeden zullen worden
verhoord.
Laat wereldse gedachten en zorgen uw geest niet
verontrusten. Doe alles wat nodig is op de juiste tijd en laat uw
geest altijd geconcentreerd zijn op God.
Hij die vanuit
het diepste van zijn wezen zoekt om God te kennen, zal Hem zeker
realiseren. Alleen degene die rusteloos is omwille van God en
niets anders zoekt dan Hem alleen, zal Hem zeker realiseren.
Kunt u om Hem huilen met een intens verlangen in uw hart?
De mensen vergieten een zee van tranen om hun kinderen, hun
vrouwen of om geld. Maar wie huilt er om God? Zolang het kind
verdiept is in zijn speelgoed, is de moeder bezig met het voedsel
en ander huishoudelijk werk. Maar wanneer het kind genoeg heeft
van het speelgoed, gooit hij het opzij en schreeuwt om zijn
moeder; dan zet de moeder de rijstpan van het vuur en snelt er
heen en neemt het kind in haar armen.
Men kan God niet
realiseren zonder oprechtheid en eenvoud. God is heel ver weg van
een hypocriet hart.
Zij die God willen bereiken of
vorderingen willen maken in hun spirituele oefeningen, zouden in
het bijzonder op hun hoede moeten zijn voor de valstrikken van
lust en bezit. Anders zullen ze nooit de volmaaktheid bereiken.
Wanneer de geest niet meer gehecht is aan de zintuiglijke
objecten, richt hij zich tot God en is op Hem geconcentreerd. De
gebonden ziel wordt op deze manier vrij. De ziel, die het pad
betreedt dat hem van God afvoert, raakt gebonden.
God kan
niet worden gerealiseerd door een geest die hypocriet, berekenend
of twistziek is. Men moet geloof en oprechtheid bezitten. Voor de
oprechte is God heel dichtbij, maar Hij is heel ver weg van de
hypocriet.
Hoe dichter u God nadert, des te meer voelt u
vrede. Vrede, vrede, vrede. Intense vrede. Hoe dichter u bij de
rivier de Ganges komt, des te meer voelt u de koelte. U zult u
volledig en weldadig opgefrist voelen, als u in de rivier
springt.
VERSCHILLENDE WEGEN
Het is
erg moeilijk Jnana yoga te beoefenen in dit tijdperk. Ten eerste
is het leven van de mens geheel afhankelijk van voedsel. Ten
tweede heeft hij maar een kort tijdsbestek van leven. Ten derde:
heel zelden komt hij los van het lichaamsbewustzijn en de Kennis
van Brahman is nu eenmaal onmogelijk zonder de vernietiging van
het lichaamsbewustzijn.
Toewijding aan God neemt net zo
veel toe als gehechtheid aan de zintuiglijke objecten afneemt.
Men kan God niet aanschouwen als er sprake is van het
minste of geringste spoor van wereldse instelling. Vochtige
lucifers geven geen vlam al strijk je een massa ervan tegen het
lucifersdoosje. Je verspilt alleen maar een hele hoop lucifers.
De geest die doordrenkt is van wereldlijkheid is zo'n vochtig
lucifertje.
Waarin ligt de kracht van de toegewijde? Hij
is een kind van God en tranen van devotie zijn zijn machtigste
wapen.
Zuivere kennis en zuivere liefde zijn één
en hetzelfde. Beide leiden de spirituele aspirant naar hetzelfde
doel. Het pad van liefde is veel gemakkelijker.
Het is
voor u niet mogelijk werk helemaal op te geven. Uitgerekend uw
eigen natuur zal u er toe aanzetten, of u het nu wilt of niet.
Daarom vragen de geschriften u met een onthechte geest te werken,
dat wil zeggen, niet begerig te zijn naar de resultaten van het
werk. Werk in zo'n geest van onthechting verricht, wordt Karma
yoga genoemd.
Neem dat werk ter hand, dat op uw pad komt
en dringend noodzakelijk en onvermijdelijk is; doe dit alles dan
ook in een geest van onthechting. Het is niet goed verwikkeld te
raken in vele activiteiten. Dat maakt dat men God vergeet.
Om
u de waarheid te zeggen, er is niets verkeerd aan, dat u in de
wereld bent. Maar u moet uw geest op God richten, anders zult u
niet slagen. Doe uw plicht met de ene hand en hou God vast met de
andere. Wanneer de plicht gedaan is, hou dan God vast met twee
handen.
God heeft u in de wereld geplaatst. Wat kunt u
eraan doen? Vertrouw alles aan Hem toe. Geef u zelf over aan zijn
voeten. Dan zal er geen verwarring meer zijn. Dan zult u inzien
dat God het is, die alles doet. Alles hangt af van de "wil
van Rama".
Na de geboorte van één of
meer kinderen zouden man en vrouw als broer en zuster moeten
leven en alleen over God praten. Dan zullen beide geesten naar
God worden aangetrokken en de vrouw zal een hulp voor haar man
zijn op zijn spirituele pad en vice versa.
De plichten
van het gezinshoofd zijn: vriendelijkheid voor levende wezens,
dienstbaarheid aan de toegewijden en het zingen van Gods heilige
naam.
Iemand moet in bepaalde gunstige omstandigheden
verkeren om God te realiseren: in het gezelschap van heilige
mensen verkeren, onderscheidingsvermogen hebben en de zegening
van een echte leraar kennen.
Hij die gelooft, heeft
alles, en hij die niet gelooft, mist alles. Geloof in de naam van
de Heer verricht wonderen. Geloof is leven en twijfel is dood.
UITSPRAKEN
VAN SWAMI VIVEKANANDA
KRACHT
Iedere ziel is in aanleg goddelijk. Het doel is deze
Goddelijkheid van binnen tot uitdrukking te brengen door de
beheersing van onze uiterlijke en innerlijke natuur. Doe dit door
handelen, vereren, geestelijke beheersing, of filosofie, door
één, meer, of al deze wegen en wees vrij. Dit is de
totaliteit van religie. Doctrines, dogmas, rituelen, boeken,
tempels of vormen zijn slechts bijkomende details.
Kracht
... kracht is datgene, wat uit elke bladzijde van de Upanishads
tot mij spreekt. Dit is het enig belangrijke om aan te denken.
Dit is de belangrijkste les, die me geleerd is in mijn leven;
kracht. De les is: kracht; O mens, wees niet zwak.
Alle
kracht is binnen in je; alles ligt binnen je bereik. Geloof
daarin; denk niet, dat je zwak bent, denk niet dat je een halve
dwaas bent, zoals tegenwoordig de meesten van ons geloven. Alles
ligt binnen je bereik, zelfs zonder begeleiding van buitenaf.
Alle kracht is van binnenuit. Richt je op en breng je
Goddelijkheid naar buiten.
Vedanta erkent geen zonde, zij
erkent slechts dwaling; de grootste dwaling volgens de Vedanta is
om te zeggen dat je zwak bent, een zondaar, een miserabel wezen;
dat je geen kracht hebt en tot niets in staat bent.
Kracht
betekent leven, zwakheid betekent dood. Kracht is geluk, eeuwig
leven, onsterfelijkheid! Zwakheid is voortdurende spanning en
mistroostigheid. Zwakheid betekent dood. Laat positieve, sterke,
behulpzame gedachten binnen in je hersenen, vanaf de vroegste
jeugd.
Richt je op, wees moedig, wees sterk. Neem de
totale verantwoordelijkheid op je eigen schouders en weet, dat
jij de schepper bent van je eigen bestemming. Alle kracht en
steun die je nodig hebt, is binnen in je. Daarom: schep je eigen
toekomst.
Weet dat alle zonde en kwaad kan worden
samengevat in dat ene woord: zwakheid. Zwakheid is de drijvende
kracht achter alle kwaad. Zwakheid is de bron van alle zelfzucht.
Zwakheid maakt dat mensen elkaar kwetsen. Zwakheid maakt dat de
mens zich uit op een wijze die in wezen niet de zijne is.
Sta
op en ga aan de slag, daar is dit leven toch voor? Je bent in de
wereld gekomen, laat dan ook een spoor achter. Wat is anders het
verschil tussen jou en bomen en stenen? Ook zij ontstaan,
vervallen en vergaan.
GELOOF
Geloof, medeleven,
rotsvast geloof en intens medeleven! Eindeloos geloof, in
onszelf, eindeloos geloof in God - dit is het geheim van ware
grootsheid.
Als er één drijfkracht meer
overtuigend geweest is dan wat dan ook in de levens van alle
mannen en vrouwen van aanzien, door de hele geschiedenis van de
mensheid heen, dan is dat wel geloof in henzelf. Geboren met het
bewustzijn groot te worden, werden zij groot.
Maak
religie nooit tot onderwerp van strijd. Alle onenigheden en
disputen over religie laten zien dat er geen spiritualiteit
aanwezig is. Religieuze meningsverschillen gaan altijd over
bijkomstigheden. Als de zuiverheid en de spiritualiteit
verdwijnen, de ziel verdroogd achterlatend, dan begint de strijd
en niet eerder.
Bekommer je niet om doctrines, dogmas,
stromingen, tempels of kerken; zij dragen weinig bij in
vergelijking met de kern van het bestaan in ieder mens: namelijk
de spiritualiteit. Hoe meer deze ontwikkeld is in een mens, des
te groter is zijn positieve vermogen. Ontwikkel dat eerst, maak
het je eigen en bekritiseer niemand. Toon aan met je manier van
leven, dat religie niet betekent: woorden, namen of stromingen,
maar dat het betekent: geestelijke realisatie.
Waarheid,
zuiverheid en onbaatzuchtigheid - overal, waar deze eigenschappen
aanwezig zijn, is er geen macht ter wereld, die de bezitter er
van kan vernietigen. Hiermee toegerust kan men de hele wereld
aan.
DIENSTBAARHEID EN OPOFFERING
Beschouw iedere
man, iedere vrouw en elk kind als God. Je kan niemand helpen; je
kan alleen dienen; dien de kinderen van God, dien God Zelf, als
je dit voorrecht hebt. Als God je in de gelegenheid stelt één
van zijn kinderen te helpen, dan ben je gezegend; laat je daar
niet op voorstaan. Je bent alleen gezegend, dat je dit voorrecht
had, terwijl anderen dat niet hadden. Doe het alleen als een
eerbetoon. De arme en mistroostige mensen bestaan voor onze
redding, opdat we God mogen dienen, die zich manifesteert in de
vorm van zieken, mentaal gehandicapten, melaatsen en onwetenden.
Zolang de massa in honger en onwetendheid verkeert,
beschouw ik iedereen een verrader, die opgeleid is op hun kosten
en zich totaal niet om hen bekommert.
Alle verruiming is
leven, alle samentrekking is dood. Alle liefde is verruiming,
alle zelfzuchtigheid is samentrekking. Om die reden is liefde de
enige levenswet. Degene, die liefheeft, leeft voluit; degene, die
zelfzuchtig is, is bezig te sterven. Daarom, liefde omwille van
de liefde zelf, omdat het de enig geldende levenswet is.
Wees
dankbaar dat je je kracht van goede wil en mededogen in deze
wereld mag beoefenen en zó zuiver en volmaakt kan worden.
Wees dankbaar als je iemand mag helpen, beschouw hem als God. Is
het niet een groot voorrecht om God te kunnen eren door je
medemens te mogen helpen?
Na zoveel ascese betracht te
hebben, heb ik dit als de essentiële waarheid begrepen; God
is aanwezig in elke jiva (belichaamde individuele ziel), er
bestaat geen andere God. Degene, die dienstbaar is aan jiva,
dient in wezen God.
Als je wilt dat er voorspoed en
welzijn zal komen, gooi dan gewoon al je rituelen overboord en
vereer de levende God, de Mens-God, ieder wezen met een
menselijke vorm: Dat is God in zijn universele alsmede in zijn
individuele verschijning.
Goed doen aan anderen vanuit
betrokkenheid is goed, maar seva (dienstbaarheid) aan alle wezens
in de geest van de Heer is beter.
|
|